Op elk apparaat waar u een adapter op kunt aansluiten wordt in milliampère (mA) het maximaal vermogen aangegeven. Kies een universele AC-DC adapter die minimaal dit vermogen of meer kan leveren. Omdat een apparaat zelf bepaalt hoeveel stroom het uit de adapter haalt, kan een adapter die meer vermogen levert het apparaat niet beschadigen.
Het is echter wel oppassen met de spanning, die in volt wordt aangegeven. Bij elke adapter in ons assortiment wordt de ingangsspanning en de uitgangsspanning aangegeven. Kies een universele AC-DC adapter met een uitgangsspanning die gelijk is aan de originele adapter van een apparaat. Deze ligt tussen 3 en 24 volt. Wat betreft ingangsspanning: een hedendaagse AC-DC adapter functioneert op een netspanning tussen 100 en 240 volt wisselspanning met een frequentie tussen 50 en 60 Hz.
Elk type voedingsplug heeft een eigen formaat dat gekoppeld is aan een bepaalde voedingsspanning. Daardoor is het bijna niet mogelijk om een adapter met de foute spanning bij een apparaat te gebruiken. De plug is dan of te groot of dermate klein dat de plug er weer uitvalt. Let bij het bepalen van de afmetingen op de buitendiameter en binnendiameter. Dit staat bij elk van onze pluggen aangegeven. Controleer bij gebruik niet enkel of u het juiste plugje heeft, maar ook of de adapter op de juiste spanning is ingesteld.